11/06/2014
Jac 5: 7-12 Heb geduld in moeilijke tijden
Geduld is een schone zaak.
Toch zijn er maar weinig mensen die veel geduld hebben.
Onze maatschappij is niet zo ingericht op geduld.
We vliegen, want een auto gaat niet snel genoeg.
Eten stoppen we in de magnetron, dat gaat lekker snel.
Alles moet snel en daar past geduld niet bij.
Toch zijn er situaties waarin we geduld hard nodig hebben.
Bijvoorbeeld in situaties van druk en lijden.
Geduld helpt ons dan om vol te houden,
het ongemak te verduren en niet op te geven.
In Jacobus dagen hadden de gelovigen het niet gemakkelijk.
Mensen betaalden een hoge prijs om christen te zijn.
De kerk had het moeilijk, Jacobus lag onder vuur.
Hoe daar mee om te gaan?
Vaak reageren wij op een van de volgende manieren:
vechten, vluchten of 'bevriezen'.
Bij vechten ga je er hard tegenaan,
je laat je niet klein maken door de druk die je ervaart.
Je gaat er tegenaan om te bewijzen dat je het kunt.
Bij vluchten zet je je rugzak naast je neer.
Je geeft op en stopt ermee om de rugzak nog langer te dragen.
Bij 'bevriezen' voel je je zo door de situatie overweldigd,
dat je niet weet wat te doen, in paniek raakt,
besluiteloos bent en angst ervaart.
Maar er is nog een vierde manier,
en dat is de weg van geloof.
Jezus nodigt ons uit om met onze lasten bij Hem te komen.
Kom tot Mij allen die vermoeid en belast zijt,
en Ik zal u rust geven.
Neem Mijn juk op je, want Mijn juk is licht.
Breng je lasten en frustraties maar bij Hem.
Je hoeft het niet alleen te dragen,
Hij wil het met je meedragen,
Hij zet Zijn schouders er mee onder.
We hebben onze omstandigheden niet onder controle,
maar wij kunnen wel invloed hebben op ons hart.
Jacobus roept de mensen op geduldig te zijn.
Voor hoelang? Tot Jezus terugkomt.
Voor ons gevoel duurt dat wel erg lang.
Maar we mogen leven in geloof.
We weten niet wanneer Jezus terugkomt,
maar wel dát Hij terugkomt.
We leven in dat geloof.
En dat mag ons helpen om geduld te oefenen.
De druk van onze omstandigheden kan zwaar zijn,
maar kijk naar Jezus.
We gaan door moeilijke situaties heen,
maar er zal een einde aan komen.
Wees geduldig en houd moed,
want het duurt niet lang meer voor de Here terugkomt.
Heb dus geduld.
Jacobus leert ons ook geduldig te zijn met elkaar.
Wanneer de druk in ons leven toeneemt,
dan neemt vaak ook het ongeduld met elkaar toe.
We gaan mopperen over elkaar.
Lijdende mensen worden vaak zelfzuchtige mensen.
Ze zetten zichzelf in het middelpunt
en willen dat anderen begrijpend en liefdevol met hen omgaan.
Maar denk ook eens aan de ander.
Wellicht heeft die ander waar jij zo op moppert het moeilijk,
en heeft hij/zij dringend behoefte aan jouw geduld.
Leer met elkaar de druk te verduren en te verdragen.
Vertrouw op Jezus terugkomst
en dat Hij dan alles recht zal zetten.
Geduld en moeilijke tijden gaan vaak moeilijk samen.
Wanneer je plezier hebt, is geduld niet zo moeilijk.
Maar wel als je te maken hebt met lijden.
Maar het kan wel.
Kijk maar naar de profeten en het leven van Job.
Ze kregen veel te dragen in hun leven,
maar door geduld kwamen ze er doorheen.
Job streed met God, hij worstelde met het waarom.
Maar Job bracht het bij God.
Dwars door alles heen bleef hij trouw aan God.
En je weet hoe het met hem afliep.
Hoewel hij zijn kinderen niet terug kreeg,
ontving hij van God nieuwe zegeningen.
Ook wij krijgen in ons leven het nodige te dragen.
Veel mensen geven dan te snel op, omdat ze niet geduldig zijn.
Maar wanneer we geduldig zijn, zullen we de oogst zien.
Wees standvastig, geduldig, verduur je omstandigheden
en je zult zien wat God bezig is te doen.
We moeten, net als een boer, geduld hebben om de oogst te zien.
Ga naar God met je lijden en met wat je te dragen hebt.
Jezus weet wat je meemaakt en Hij wil je helpen.
Hij stierf voor onze zonde aan het kruis.
Die weg was voor Hem niet gemakkelijk,
maar Hij hield vol, Hij gaf niet op.
Hij voleindigde Zijn missie.
Daarna zei Hij: neem je kruis op je en volg Mij.
Je hoeft het niet alleen te doen, Hij wil je helpen dragen.
Hij zegt neem Mijn juk op je, want Mijn juk is licht.
Hij wil met jou je last dragen, Zijn schouders er mee onder zetten.
Draag je kruis samen met Jezus op weg naar Zijn Koninkrijk.
Dan zal het beter worden.
Heb geduld, geef niet op.
Dan zul je de oogst meemaken.
10/06/2014
Jac 5:1-6 Leer te geven
Er gebeurt veel onrecht in deze wereld.
Dat gebeurde vroeger, maar ook nu.
Er is niets nieuws onder de zon.
Jacobus zag hoe rijke mensen zich onchristelijk gedroegen.
Ze maakten misbruik van hun positie
en hielden al hun bezittingen voor zichzelf.
Ze lieten als landeigenaar een arbeider voor zich werken
maar aan het eind van de dag betaalden ze hem niet uit.
De arbeider was niet in staat om zich te verdedigen
en zo ging hij naar huis zonder geld.
En dat betekende voor zijn gezin geen eten.
Terwijl de landeigenaar zijn buik rond at en nog overhield ook.
Het gehuil en geschreeuw over dit onrecht bereikt God in de hemel.
Wanneer God je veel geeft, wil Hij dat je ervan deelt.
Wie rijk is moet delen, niet oppotten.
Je hebt zoveel kleren en je gebruikt ze niet eens eens.
Mot vreet het aan.
Als je dingen hebt die je niet eens gebruikt,
heb dan het hart van Jezus: deel met anderen.
Wees gul, wees een gever.
Maar geven gaat ons vaak niet gemakkelijk af.
We hebben het nodig om te leren geven.
Leren geven begint in ons denken.
We moeten gaan leren denken als een rentmeester,
in plaats van te denken dat wij eigenaar zijn.
Iemand die denkt als een eigenaar
gaat uit van de volgende veronderstellingen:
1. Ik ben geen eigendom van God, maar van mezelf
2. Niets van mijn bezit is van God, het is van mij.
3. Ik verdien wat ik heb, ik heb er voor gewerkt.
4. Ik ben alleen verantwoording schuldig aan mezelf, niet aan God.
Iemand die denkt als een rentmeester en dienaar
gaat uit van de volgende veronderstellingen:
1. Ik ben eigendom van God, gekocht door Jezus bloed.
2. Alles wat ik heb, is van Hem.
3. Alles wat ik heb is een geschenk.
4. Ik ben een dienaar en rentmeester van de Heer.
Hij bepaalt wat er met Zijn eigendommen gebeurt, niet ik.
Denken als een eigenaar maakt het moeilijk om te geven.
Denken als een rentmeester en dienaar leert je om te geven.
God is een God die gul en overvloedig geeft.
En daarom wil Hij dat ook wij mensen zijn die gul geven.
Hij geeft ons, zodat wij daarvan kunnen delen en geven aan anderen.
Het is goed om te geven.
Geven transformeert ons leven.
Door te geven gaan we lijken op God.
Hij is immers de God die geeft.
Geef en wees zo een zegen.
Geef niet om een zegen te krijgen, maar geef om een zegen te zijn.
Dat is Gods hart, laat jouw hart ook zo zijn.
Als je wel hebt en niet geeft,
wat een verspilde kansen zijn dat om vreugde te beleven.
Want het is beter te geven dan te ontvangen.
Als afronding bij deze een aantal vragen.
Vragen die je willen stimuleren om een gever te zijn.
- Ben jij in je denken een eigenaar of een rentmeester?
- Welke mogelijkheden geeft God jou om meer als Hem te zijn?
- Hoe kun jij je geld, bezit, tijd en energie gebruiken om anderen te helpen?
- Hoe ziet goed rentmeesterschap er voor jou uit?
Het is goed om te geven, want dan lijk je op God.
Heb het hart van een dienaar, wees gul en deel wat je hebt.
Gezegend ben je, wanneer je anderen tot zegen bent.
Abonneren op:
Posts (Atom)
Populaire posts:
-
Ga met je moeiten en zorgen naar God. Hij wil je rust geven. Blijf niet zelf met je lasten zeulen. Leg het in Zijn hande...
-
Niets verhindert de boodschap van Jezus meer dan een gebrek aan liefde onder christenen. Wanneer we elkaar lief hebben...
-
Gods liefde en belangstelling gaat uit naar jou. God houdt van alles wat Hij heeft gemaakt. Zijn liefde gaat naar je u...


